Geschiedenis

Structurele fokkerij begon al 125 jaar geleden

De Duitse Holsteinfokkerij kent een lange traditie. Al in 1847 organiseerde de eerste fokvereniging in de kuststreek van Oostfriesland, een gebied met klimatologisch gematigde en zeer gunstige omstandigheden voor weidegras, al veekeuringen. In 1876 werd het eerste stamboek opgericht waarin melkcontrole en exterieurgegevens werden opgenomen. Zelfs vandaag nog voeren invloedrijke koefamilies, pijlers van de succesvolle Duitse fokprogramma’s, direct terug naar het begin van stamboekinspanningen.

Grootste stamboek van Europa in Oost Pruisen

Behalve aan de Noordzeekust ontwikkelde zich ook in andere regio’s van Duitsland talrijke stamboeken voor zwartbonte en roodbonte koeien. Een belangrijke regio voor zwartbont was vooral Oost Pruisen. Met 6.000 leden en 350.000 ingeschreven koeien was het in 1882 opgerichte Oost Pruisische Stamboek tot aan haar ondergang in de oorlogsjaren in 1944 het grootste stamboek in Europa en indertijd leidend in de ontwikkeling van de moderne productiefokkerij.

Aan de Noordzeekust in Oostfriesland begon de gestructureerde fokkerij van de Duitse zwartbonten.

Uniform fokdoel

In 1891 sloot Duitsland de grens met Nederland voor vee-import wegens mond- en klauwzeer. Door deze sanctie werd de onafhankelijkheid van de Duitse zwartbontfokkerij noodgedwongen gestimuleerd. Rond 1920 vond in alle regio’s van Duitsland een harmonisatie plaats van het fokdoel. Terwijl het Duitse zwartbont vee tot dan toe in de meeste gebieden als dubbeldoelras gefokt werd met evenveel nadruk op vlees als op melk, werd vanaf toen landelijk meer nadruk op melk gelegd. Vanaf dat moment ging een uniforme Duitse zwartbontfokkerij de internationale concurrentie aan.

Ontwikkeling van de Duitse Holstein koe

In 1964 werd voor de Duitse zwartbonten een nieuw fokdoel vastgesteld van 6.000 kg met 4% vet met een gelijktijdige vergroting van het frame. Dit fokdoel werd bereikt door inkruising van Holstein Friesians uit Noord Amerika. Oorspronkelijk geïmporteerd uit Europa, ondergingen de Europese zwartbonten in de VS sinds 1871 een selectie puur op melkproductie. Door de traditionele hoge vleesconsumptie in de VS had men daar al vroeg specifieke vleesrassen ontwikkeld. Aangezien er in de VS – in tegenstelling tot Europa- geen behoefte was aan een dubbeldoel ras, kon men daar zeer snel een puur melkras ontwikkelen uit de Europese dubbeldoel rassen. Sinds 1989 wordt in Duitsland het bloedaandeel Holstein Friesian niet meer op de officiële stamboekpapieren vermeld, aangezien de jongste generatie op dat moment al op bijna 100% HF lag. De Duitse Holsteins en Red Holsteins worden momenteel op het vlak van melkproductie richting minimaal 10.000 kg melk met 4% vet en 3,5% eiwit gefokt.

De hereniging van Duitsland:
succesvolle test van de Duitse Holsteinfokkerij

Al in 1990, het jaar van de Duitse eenwording, werden de Oost-Duitse stamboeken in het nationale Duitse Holstein Verband (DHV) geïntegreerd. In korte tijd werd de hervorming naar moderne fokkerijorganisaties naar West-Duits voorbeeld gerealiseerd. Door voortreffelijke fokkerij en management inspanningen en de wijziging van het fokdoel kon in het tijdsbestek van 1990 tot 2000 een melkproductiestijging van meer dan 3.000 kg melk bij de Oost-Duitse koeien gerealiseerd worden. Deze enorme toename is vooral opmerkelijk om het feit dat in Oost Duitsland veel bedrijven met honderden melkkoeien gehouden werden.